Vision

Wat is POVO?

POVO W&T in Noord Limburg

Sinds 2006 zijn 10 scholen in de regio Noord Limburg intensief bezig om de samenwerking tussen primair en voortgezet onderwijs op het terrein van wetenschap en techniek vorm te geven in de dagelijkse klassenpraktijk. Op deze pagina’s kunt u zien wat er gedaan is in de verschillende jaren, inspiratie opdoen om zelf met POVO W&T aan de slag te gaan en concrete materialen, lesopzetten en verslagen vinden. We hopen dat deze informatie andere scholen zal helpen met het vormgeven van een samenwerking tussen primair en voortgezet onderwijs.

Waarom POVO W&T

Op initiatief van het Platform Techniek Educatie Noord Limburg is het project van start gegaan met als doelstelling het wetenschap- en techniekonderwijs in basis- en voortgezet onderwijs beter op elkaar af te stemmen. Basisscholen zijn al enige tijd bezig om dit nieuwe leergebied op een effectieve manier vorm te geven in hun onderwijs en door middel van een integrale benadering het beeld dat leerlingen hebben van wetenschap en techniek verbreden en verscherpen. Het voortgezet onderwijs streeft ernaar om via integratie van vakken hun onderwijs aantrekkelijker en beter te maken. Gezamenlijk kunnen PO en VO een sterk concept neerzetten voor onderwijs dat aansluit bij de belevingswereld van de leerlingen. Het POVO-W&T project wil door een gezamenlijke aanpak de belangstelling van leerlingen in een bètatechnische opleiding te vergroten.

Hoe hebben we het aangepakt?

Belangrijk uitgangspunt in het project is dat we vooral praktisch aan de slag moeten. Er wordt al veel gepraat over samenwerking tussen PO en VO. Door daadwerkelijk met leerlingen aan de slag te gaan merk je vanzelf dat de samenwerking meerwaarde heeft en dat het een positieve bijdrage levert aan het onderwijs. Enthousiaste leerlingen maakt enthousiaste leerkrachten en de energie die daardoor vrijkomt is onmisbaar bij elke onderwijsvernieuwing. We kunnen constateren dat werkt! Ondanks de problemen en obstakels die je bij iedere vernieuwing tegenkomt is de houding van alle betrokkenen steeds geweest: we werken aan een goed project en eventuele problemen lossen we gewoon op.

POVO Nieuws

POVO-W&T Den Hulster: extra aandacht voor meisjes en techniek in het project ‘bouw een kermisattractie’ Lees meer

POVO-W&T Blariacum kiest voor ontwerp kazerneterrein Lees meer

Coördinatiegroep POVO-W&T ontwerpt nieuw projectplan voor 2010-2014 Lees meer

Ithaka Science Center

Ondersteund door:

BCO
Fontys
Kerobei
Nic pas installatietechniek (bv)
Océ
OGVO
Platform Bèta Techniek
Saam

Geplande vergaderingen

Wanneer Wat Waar
18 mei 2010
16u - 17.30u
Evaluatie POVO College Den Hulster Den Hulster
1 juni 2010
15.30
Vergadering POVO Valuascollege Ithaka Science Center

Planning Blariacumcollege

Wanneer hoelaat Waar Wat
29 maart 2010 10.30-12.15 Kazerneterrein a. Ontvangst
b. Presentatie van kazerneterrein en wat er gebouwd gaat worden
c. Rondleiding over terrein
d. Vragenronde met projectleider (technische vragen)
12 april 2010 10.30-10.50

10.50-11.30



11.30-12.15
Blariacumcollege a. Korte uitleg en indeling groepen over projecten A, B en C.
b. Per project 15 leerlingen verdeeld over 5 subgroepen
a. Kennismaking per subgroep onderling
b. Wat gaat iedere subgroep maken:
i. Kijken/vergelijken van de ideeën van de leerlingen
ii. Besluiten nemen wat er gemaakt gaat worden
Starten met het maken van de onderdelen
14 april 2010 08.30-09.15
09.55-10.05
10.05-11.45
11.45
12.00



12.15
Blariacumcollege Uitwerken van de verschillende onderdelen
Pauze - koek en fris in restaurant
Afmaken alle elementen en afwerken van de logistiek
Alle gebouwen moeten vaststaan op maquette - opruimen
a. alle maquettes zijn klaar en alles is opgeruimd
b. bespreken van de maquettes
i. Uitleg door eigen groep
ii. Vragen van andere groepen
Einde - BO terug naar school

De Wingerd i.s.m. College Den Hulster

Wanneer Waar
Les 2 woe. 24 maart 2010 08.30-10.00 uur De Wingerd
Les 3 woe. 31 maart 2010 08.30-10.00 uur De Wingerd
Les 4 vrij. 9 april 2010 09.00-12.00 uur Technodome
Les 5 vrij. 16 april 2010 09.00-12.00 uur Technodome

Omnibus i.s.m. Blariacumcollege

Wanneer Waar

Panta Rhei i.s.m. Blariacumcollege

Wanneer Waar
Les 3 24 maart 2010 9.20-11.20 uur Blariacumcollege

't Ritjen i.s.m. Blariacumcollege

Wanneer Waar
Les 2 31 maart 2010 - Blariacumcollege
Les 3 7 april 2010 8.45-12.15 Blariacumcollege
Selecteer project:


Het POVO project op het Blariacumcollege

Het project van het Blariacumcollege, OJBS de Omnibus, BS Panta Rhei en BS ’t Ritjen is het meest intensief wat betreft de voorbereiding van de inhoud. Ieder jaar besluit het projectteam om op basis van hetzelfde stramien een aantal verbeteringen door te voeren die een wezenlijke invloed hebben op het resultaat, maar ook op de gevraagde voorbereidingstijd van de deelnemers.

Bij Blariacum is, net als bij de andere campussen, een duidelijke ontwikkeling te zien wat betreft de vormgeving van het project. Het thema en de daarbij ontwikkelde opdrachten worden steeds meer gestructureerd aangeboden. Opmerkelijk daarbij is dat de doelstelling verbreed wordt van een technische benadering naar een meer integrale benadering van een thema. Bij de start van het project gaf het thema relatief veel ruimte aan de leerlingen om een technische invulling te geven. In het derde jaar speelden andere thema’s (energie, duurzaamheid, milieu) een rol naast het technische thema ‘elektriciteit’. Deze verdieping van het thema werd mogelijk gemaakt door een verdergaande voorbereiding van het te maken product en een meer gestructureerde opdracht.

Selecteer project:



Klik hier voor een evaluatie van 2007.
Klik hier voor een powerpoint presentatie over technische talentontwikkeling.

Een beproefd stramien
door Eva Voncken

Samenwerking PO-VO in bedrijf: POVO-project Technische talentontwikkeling in Noord-Limburg

Sinds een aantal jaren kent Noord-Limburg een POVO-project, ondersteund door het Platform Bèta Techniek. Het doel van dit project is meerledig: Het gaat erom leerlingen warm te maken voor wetenschap en techniek. Daarnaast is een doel leerkrachten van het basisonderwijs en docenten van het VO met elkaar te laten leren en een gezamenlijke visie op techniek te laten ontwikkelen, waarbij onderzoeken en ontwerpen centraal staat. En tot slot wordt kennismaking met bètatechnische beroepen beoogd. Aan het POVO-project nemen drie campussen deel: drie VO-scholengemeenschappen die onder eenzelfde bestuur vallen. Elk van de VO-scholen werkt samen met drie of vier basisscholen. De drie scholengemeenschappen hebben ieder een breed profiel. Op het gebied van techniek heeft College Den Hulster sinds kort een Technasium en een Technodome. Het Valuascollege – zie ook elders in deze brochure – heeft Explore (science), is een Jet-Net school en een Universum volgschool. Het Blariacumcollege richt zich wat sterker op cultuur. Het stramien van het project is voor alle drie de samenwerkingsverbanden identiek. De thema’s verschillen. In dit portret staat de samenwerking van College Den Hulster met de openbare Jenaplanschool De Toermalijn centraal.

“Mogen we het straks ook verven?” vraagt een basisschoolleerling. Ze wijst naar de schaalversie van de aluminium booster, die nu echt gestalte begint aan te nemen. De booster is een kermisattractie in de vorm van een paal met een lange wiek. Aan weerszijden zijn roterende stoeltjes bevestigd, wat de pret ongetwijfeld nòg groter maakt. In het echt is het gevaarte zo’n 55 meter hoog en draait het rond met een snelheid van 110 km/u. Dat brengt een sensatie teweeg vergelijkbaar met krachten die een straaljagerpiloot ervaart. Maar op schaal mag ‘ie er ook wezen. Sterker nog, ook déze booster gaat straks draaien. “Natuurlijk, maar wel eerst een primer gebruiken op aluminium”, adviseert docent metaal vmbo Wilbert Hendriks van college Den Hulster.
De les heeft plaats in het Technodôme, een innovatief opleidingsgebouw waarin College Den Hulster en het MBO technische beroepsopleidingen verzorgen. Ook bedrijven maken gebruik van deze voorziening.

Veilig

Basisschoolleerlingen van de Toermalijn werken vanmiddag onder begeleiding van leerlingen metaal uit vmbo 3 aan het realiseren van hun ontwerp. Twee middagen hebben al deze leerlingen samen op de basisschool besteed aan het ontwerpen van een kermisattractie. Voorafgegaan door een film over de kermis, die in het teken stond van techniek en veiligheid. Via het thema kermis maken de leerlingen kennis met technische concepten. Elk groepje leerlingen neemt een onderdeel van de kermis op zich. Dat houdt ook in, dat de leerlingen bepalen welke materialen er nodig zijn. Dat veiligheid een belangrijk thema is, valt ook uit de houding van de VO-docenten en -leerlingen af te lezen: bij alle handelingen worden de leerlingen nauwlettend in het oog gehouden. De leerkrachten van de basisschoolleerlingen zijn bij de les aanwezig. Aan het einde van elk blok volgt een spetterende presentatie van de kermis in bedrijf voor leerlingen, ouders, leerkrachten en docenten. Leerlingen presenteren hun product, vertellen over het ontwerpproces en over een verwant beroep.

Eigenaarschap

De projectgroepen van elke campus komen vanaf het begin van het schooljaar een keer of zes bij elkaar om de activiteiten voor te bereiden. Margriet van Tulder begeleidt het POVO-techniek project sinds een aantal jaren als coördinator. En zij heeft gedurende die periode haar eigen rol zien verschuiven. “In het eerste jaar was de rol van de projectcoördinator vooral faciliterend en volgend. Dat betekende het plannen van vergaderingen, verslaglegging en zorgen dat hobbels in het project werden weggenomen. Later verschoof het accent meer naar een sturende en ondersteunende rol: meer sturen op de doelen, coördineren van voorbereiding en uitvoering en het faciliteren en regelen van excursies en bedrijfscontacten.” Op projectniveau werken docenten en leerkrachten samen. In de coördinatiegroep is het basisonderwijs vertegenwoordigd door een bovenschoolse directie en het VO door drie sectordirecteuren. Verder zijn de pabo, de OBD, de lerarenopleiding en het Regionaal Steunpunt VTB Noord-Limburg vertegenwoordigd. Er zijn dus nogal wat partners betrokken. Brengt dat niet het risico met zich mee dat scholen het project niet als hun eigen project beschouwen? De POVO-coördinator bestrijdt dat. “In deze regio is aansluiting tussen PO en VO in algemene zin al jaren een thema. In het onderdeel POVO wetenschap en techniek worden – in tegenstelling tot andere thema’s – zaken daadwerkelijk aangepakt en concrete activiteiten ontwikkeld. Het blijft bepaald niet bij vergaderen. De leerkrachten en docenten maken samen plannen en ontwikkelen die, bespreken leerlingen en overleggen hoe leerlingen het beste bereikt kunnen worden. Tijdens het project delen ze de begeleiding. De samenwerking is intensief. Scholen voelen zich eigenaar van het ‘probleem’. Omdat er echt inhoudelijk afgestemd wordt, hebben de deelnemers ook het gevoel dat ze daadwerkelijk bijdragen aan een oplossing.”

Werk aan de winkel

De leerkrachten van het PO en docenten van het VO vinden elkaar op de inhoudelijke afstemming van techniek. In het basisonderwijs worden bergen werk verzet om uitdagend techniekonderwijs gericht op talentontplooiing aan te bieden. Men wil voorkomen dat een kind in het voortgezet onderwijs vakmatig frontaal en klassikaal les krijgt, zonder dat rekening wordt gehouden met interesses. Overigens wordt die wens in het basisonderwijs nog wat sterker gevoeld dan in het voortgezet onderwijs. PO- en VO-docenten merken dat ze elkaar in dat proces kunnen ondersteunen. “Het is grappig om te zien dat het voortgezet onderwijs daar aanvankelijk de‘lead’ in heeft, maar dat in de uitvoering de rol van het basisonderwijs sterker naar voren komt, bijvoorbeeld als het gaat om vaardigheden op het gebied van klassenorganisatie.” De kracht van het project schuilt in de uitwisseling en samenwerking tussen de leerkrachten. “Daarmee kun je daadwerkelijk iets veranderen binnen VO en PO.”

Op de basisscholen is men bezig om techniek een structurele plek te geven in het onderwijsprogramma. Op VTB-scholen is dat proces het meest duidelijk. Op een aantal scholen is het POVO-project gestart met leerlingen uit groep 8 en gaandeweg uitgebreid naar groep 7 en soms 6. “Integratie van wetenschap en techniek betekent voor het voortgezet onderwijs meer werk aan de winkel dan voor het basisonderwijs”, zegt van Tulder. Bij College Den Hulster wordt op het vmbo hard gewerkt aan een integrale aanpak. Er wordt gezocht naar verbindingen tussen techniek en andere vakken. Er is op de school een systeem ingevoerd, waarbij leerlingen zich negen weken oriënteren op een vakgebied rond een project. De ‘techniekstroom’ is opgezet naar model van het POVO-techniek project. Afgelopen jaar lag het in de bedoeling om per stroom van negen weken een groep 8 van een basisschool te laten meedraaien. Maar door een gigantische aanwas van brugklassers bij College Den Hulster was deze aanpak organisatorisch niet mogelijk. Het alternatief werd een apart programma voor basisschoolleerlingen, begeleid door leerlingen metaal van de bovenbouw van het vmbo. Dat betekent dat er steeds in blokken van negen weken met een andere basisschool wordt samengewerkt.

Attractiepark

De grondgedachte in de pilot is dat de benadering van techniek in het PO en VO op een vergelijkbare manier moet worden opgepakt. Als de activiteiten in het PO geen vervolg krijgen, zullen jongeren de interesse voor techniek snel verliezen. Wordt er in het basisonderwijs geen aandacht besteed aan technische talentontwikkeling, dan wordt het voor VO moeilijk de natuurlijke neiging van kinderen om de wereld om zich heen te willen ontdekken, te herstellen. Het gaat er dus om een leeromgeving te creëren en een werkwijze te hanteren die aansluit bij het enthousiasme en de nieuwsgierigheid van kinderen, en die de nadruk legt op attitude- en talentontwikkeling. In de eerste groepen van het PO maken kinderen kennis met techniek in hun eigen leefwereld. In de hoogste groep wordt dat doorgetrokken naar een bredere belevingswereld van beroep en bedrijf. Leerlingen onderzoeken de techniek in een beroep en voeren techniekactiviteiten uit aan de hand van de cyclus van ontwerpen, maken, testen en verbeteren. Hierdoor ontwikkelen ze kennis en vaardigheden die toepasbaar zijn in nieuwe situaties. Beroepenoriëntatie gebeurt door middel van een film en gastlessen bij een bedrijf dat attracties maakt. Daarnaast wordt een excursie bij een attractiepark georganiseerd om de leerlingen een blik achter de schermen te gunnen. Van Tulder: “Afgelopen jaar dreigde de beroepenoriëntatie die door leerlingen was voorbereid door middel van vragen in het honderd te lopen, doordat alle aanwezige onderhoudsmensen Pools bleken. Met alle beetjes Duits en Engels die ze beheersten, hebben de leerlingen toen toch geprobeerd hun vragen beantwoord te krijgen.”

De activiteiten zoals uitgevoerd in het POVO-project zijn in principe prima overdraagbaar. De opzet, organisatie en structuur kunnen in een draaiboek worden vastgelegd. “Maar daarmee ben je er niet”, waarschuwt de POVO- coördinator. “Een school zou niet zomaar een draaiboek moeten volgen, maar dat in samenwerking met een andere school moeten uitwerken. Het gaat erom, dat je de inhoud samen ontwikkelt. Dat kan ook niet anders als je wilt aansluiten bij de interesse van leerlingen. Het draaiboek moet er juist voor zorgen, dat je je handen vrij hebt voor de inhoud.”

Selecteer project:



Klik hier voor een overzicht van de proeven.

Wetenschap en techniek op het Valuascollege

Het Valuascollege timmert behoorlijk aan de weg als het gaat om wetenschap en techniek.

Naast het POVO wetenschap en techniekproject besteedt het Valuascollege veel aandacht aan de bevordering van de bètatechnische vakken.

Zo volgen de hoog- en meerbegaafde leerlingen uit groep 8 van de basisscholen twee uitgebreide natuurwetenschappelijke thema’s: water en lucht. Bij deze thema’s leren de juniorklassers de natuurwetenschappelijke methode. Ze stellen een heleboel onderzoeksvragen en doen experimenten om daar antwoord op te krijgen. Hoogtepunt is het onderzoek naar de kwaliteit van het Maaswater.

In 2008-2009 is er in het kader van de profilering bèta in samenwerking met enkele basisscholen en Fontys Hogeschool Venlo gestart met een buitenschoolse Science Club voor leerlingen van groep 7-8 en brugklas 2e klas, waarbij leerlingen uit de 3e klas voor begeleiding worden ingezet. Leerlingen maken hier kennis met de achtergronden van techniek en wetenschap door “learning by doing” . Gestart is met één Science Club, komend schooljaar wordt deze uitgebreid tot 2 of 3.

In de brugklassen staat het vak techna 1 op het lesrooster: techniek en natuurkunde geïntegreerd. Leerlingen volgen ook één lesuur per week “Valuas Explore” waarbij ze vakoverstijgende bètaprojecten doen zoals Natuurrampen, programmeren met Alice, CSI Valuas (forensisch onderzoek) en technisch ontwerpen (Eurecacup). De brugklassen krijgen ook de wetenschapsshow “Freezing Physics” voorgeschoteld van de universiteit van Leiden.

In de vwo-plus brugklas staat gedurende het hele schooljaar één uur per week het vak weer- en sterrenkunde op het lesrooster. In de tweede klas volgen de leerlingen vier lesuren per week techna 2 (geïntegreerde natuurkunde en techniek). In de derde klas hebben de leerlingen biologie, scheikunde en natuurkunde en dat laatste vak 3 uur per week daar waar bijna alle middelbare scholen maar 2 uur per week natuurkunde aanbieden. In dat extra uur is er tijd voor eigen onderzoeken en het luchtvaartproject waarbij uiteindelijk een aantal leerlingen in de flight simulator van een heuse Boeiing 737 mogen vliegen. Derdeklassers maken zelf zonnecellen in de Discovery truck van de Universiteit van Groningen die jaarlijks onze school bezoekt.

Het is de bedoeling dat in de bovenbouw vanaf het volgend jaar het nieuwe bètavak nlt wordt ingevoerd, naast de vakken natuurkunde, scheikunde, biologie, wiskunde D en informatica. Verspreid over alle leerjaren vinden extra activiteiten plaats in het kader van jetnet met onze partner Océ. Zo geven mensen van Océ gastlessen op het Valuascollege, krijgen leerlingen rondleidingen bij Océ en doen ze er proefjes. Het Valuascollege stimuleert leerlingen profielwerkstukken te maken op het gebied van bètawetenschappen. Door de beste werkstukken te belonen met een oorkonde en een prijs en door werkstukken in te schrijven voor een aantal prijzen die Universiteiten uitloven. In de bovenbouw volgen de leerlingen een aantal practica van universiteiten zoals de biologiepractica van de universiteit van Wageningen en het stralingspracticum natuurkunde van de Universiteit van Utrecht. Ook vinden er lezingen plaats door hoogleraren van universiteiten zoals op het gebied van de moderne natuurkunde.

Voor ouders is de wetenschapsavond “De ster van Bethlehem” georganiseerd, samen met de vooropleiding conservatorium. Vanwege alle extra aandacht die het Valuascollege besteed aan wetenschap en techniek zijn we sinds eind vorig schooljaar officieel universumschool. 

Ithaka Science Center Telefoon: +31 77 32 10 101 Email: ©2010 Ithaka Science Center